Was mijn familie braaf?

De titel van deze post zegt je helemaal niets natuurlijk, maar ik ga het over de Tweede Wereldoorlog hebben. Wat ik ga doen is de drie standpunten in een oorlog behandelen: collaboratie, ofwel samenwerken, accommodatie, wat aanpassing betekent en verzet. Dit doe ik aan de hand van drie van mijn families: de familie Van Lieshout, de familie Snoeren en de familie Grüner. Deze families hebben allemaal voor een andere houding tijdens de Tweede Wereldoorlog gekozen.

Overgrootvader Jan rond 1915 bij zijn verloving.
Overgrootvader Jan rond 1915 bij zijn verloving.

Laten we maar beginnen met de Van Lieshout’s, mijn overgrootvader was Jan van Lieshout. Een echte familieman en huisvader. Jan was net zo eigenwijs als de generaties die na hem zouden volgen, ik moet toegeven dat mijn vader en ik kneitereigenwijs zijn. Mijn overgrootvader was dus net zo erg, maar hij speelde met levens zoals een familielid van mij het omschreef, met de levens van zijn gezin. Hij had op zolder een radio verborgen, terwijl ze die bij de ‘moffen’ moesten inleveren, soms krijg ik ook de indruk dat hij een Duitserhater was. Hij bepaalde dus het lot dat zijn familie moest ondergaan, want door het delen van op de radio ontvangen berichten bij collega’s van de textielfabriek werd hij opgemerkt door een NSB’er. Deze man, Frans van Loon, gaf hem aan om er wat geld mee te verdienen, want dat kon je he.

Op een dag werd mijn overgrootvader dus opgepakt onder toezicht van de Gestapo (Gemeintliche Staatspolizei) en werd hij afgevoerd naar Vught. Later werd hij met nog een aangegeven collega gevangengezet in Rheinbach en daarna in Siegburg. Nu gaan we merken waarom Jan zo eigenwijs zou zijn. De wegen van hem en zijn collega zouden in Siegburg scheiden, want waar zijn collega terug naar huis mocht wist Jan het op een of andere manier te verknallen, waardoor de Nazi’s hem als politiek gevaarlijk zagen. De familie kreeg bericht dat hij terug zou komen, maar dat ging niet door, op het station van Siegburg afgezet, werd hij na een aantal minuten weer opgepakt en ditmaal afgevoerd naar Mauthausen. Uiteindelijk werd hij nog naar Linz bij Wenen getransporteerd en daar overleed hij in een buitencommando op 50-jarige leeftijd, een dag na zijn verjaardag op 30 december 1944. Tot zo ver het verzet in mijn familie.

Nu gaan we kijken naar collaboratie, wat ik terug kan vinden in de familie Grüner. Mijn overgrootmoeder, ofwel de moeder van mijn oma van vader’s kant, kwam uit Maudach in Rheinland-Pfalz. Ze kwam in 1923 met haar zus naar Nederland, maar de rest van haar broers en zussen bleef in Duitsland. We werpen het licht nu op haar broer Franz, die acht jaar jonger was. In de jaren voor de oorlog was iedereen in Duitsland en waar ook ter wereld nietsvermoedend en zagen heil in Hitler’s plannen om de economie weer te stabiliseren en de werkloosheid terug te dringen. Dat leek volkomen normaal.

Soldaat Franz Grüner rond 1940.
Soldaat Franz Grüner rond 1940.

Zoals verwacht en geëist door Herr Führer voegde Franz zich als soldaat bij de Duitse Wehrmacht en zou gaan dienen in het leger. Mij is nog niet bekend wat hij heeft gedaan in het Duitse leger, maar wellicht ook beter om dat verleden niet op te gaan rakelen, aangezien ik mijn Duitse familie graag te vriend houd. Maar hij diende dus in het Duitse leger, voor volk en vaderland, al was hij zeker geen übernazi die er echt achter had gestaan.

Franz had achteraf de verkeerde beslissing genomen, maar je kon toen beter samenwerken met deze nationaalsocialistische vijand dan je je leven laten ontnemen voor zo’n klein rolletje, misschien achteraf een slechte kleine rol. Het leven van hem ging gewoon door en na de oorlog was hij helemaal geen vreemde vogel en bleef hij geliefd in zijn familie. Op familiefoto’s staat hij als een gezellige man en grappenmaker die geen kind kwaad zou doen. Helaas overleed hij kinderloos, maar hij was wel gehuwd.

Het gezin van overgrootvader Jos met onder andere mijn oma.
Het gezin van overgrootvader Jos met onder andere mijn oma.

Nu naar de middenweg: accommodatie. Daarvoor kijken we naar de kant van mijn oma van vader’s kant, de familie Snoeren. Mijn overgrootvader Jos Snoeren was getrouwd met Frieda Grüner, die van de familie uit het collaboratieverhaal. Hij zat eigenlijk aan twee kanten van het verhaal, accommodatie alsook verzet. In de oorlog gingen de dagen met moeite voorbij, maar toch werd hij opgeroepen om te dienen in de Arbeitseinsatz. Gelukkig was het gezin maar twee kinderen groot en die kinderen waren al best zelfstandig, maar een gezin tijdelijk achterlaten is nooit fijn.

De andere kant was een vorm van verzet, hij en zijn vrouw hadden naar verhalen die de ronde doen ook onderduikers. Waarschijnlijk Joden, maar het zouden ook politiek actieve onderduikers of verzetsleden kunnen zijn. In ieder geval, een groot risico hadden ze sowieso wel genomen. Uiteindelijk zijn de onderduikers niet ontdekt en hebben ze zelf ook de oorlog overleefd. Gezond en wel bovendien. Ook dit is een klein beetje eigenwijsheid van onze Jos. Ge moet maor durve heej!

Nu, dat was me toch even een mix van oorlogsgedrag, dat dat allemaal in een familie zit uiteindelijk, bijzonder, maar of ik trots ben? Of teleurgesteld? Ik vorm er geen mening over, het is niet aan mij om er over te oordelen, ik leefde toen niet, ik weet niet wat voor dreiging er achter bepaalde keuzes stond, dus ik geef enkel mijn analyse over de gebeurtenissen der familiegeschiedenis. Mogen deze familieleden in vrede leven met God en zich bekommeren over hun nazaten, zal ik zo afsluiten? En nee, mijn familie was niet braaf!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *